De leergang Publiekrechtelijke regie op de fysieke leefomgeving bestaat uit 5 dagdelen (zie data hiernaast) en zijn alleen gezamenlijk te volgen. De leergang maakt deel uit van de Opleiding Project- en gebiedsontwikkeling. Op verzoek is deze leergang ook in-company af te nemen.
Dagdeel 1: Module Grondbeleid en publieke regie
Grondbeleid is voor overheidsorganen een belangrijk instrument om ruimtelijke en bestuurlijke ambities mogelijk te maken. Met grondbeleid maken overheidsorganen een duidelijk strategische keuze over hun rolneming in een ruimtelijke ontwikkeling en hoe zij daarbij grondbeleidsinstrumenten inzetten. Overheidsorganen houden zo de regie over de ontwikkelingen in het fysieke domein en grip op de verwezenlijking van hun ambities. Denk hierbij aan het op het juiste moment verwerven van (strategische) grond, het vestigen van voorkeursrecht, de inzet van onteigening, of het sturen via overeenkomsten en samenwerkingsvormen. Een goed grondbeleid geeft de gemeente een duidelijke koers in wat zij wil bereiken in het fysieke domein en hoe zij met grip en regie dat kan realiseren.
Deze module is een inleiding in de materie van grondbeleid. Je leert wat grondbeleid is en welke instrumenten de gemeente heeft om regie te voeren en grip te houden op de ontwikkeling. Je leert welke vormen grondbeleid er zijn en hoe de overheidsorganen hiermee om kunnen gaan. Ook leer je over instrumenten zoals het voorkeursrecht en onteigening. Deze module biedt concrete handvaten om de regie te nemen over de ontwikkelingen in het fysieke domein.
Onderwerpen die hierbij aan bod komen zijn:
- Het doel van grondbeleid en de praktische toepassing van een goede nota grondbeleid;
- Vormen van grondbeleid: actief, regisserend, faciliterend;
- De imperfecte grondmarkt en publieke belangen vereisen dat overheidsorganen grip houden en regie voeren;
- De verschillende instrumenten van het grondbeleid;
- De laatste ontwikkelingen in het grondbeleid;
- De effecten van een goede ontwikkelstrategie.
Dagdeel 2: Module Grondbeleidsinstrumenten
Grondbeleidsinstrumenten geven overheidsorganen mogelijkheden om regie te voeren in ruimtelijke ontwikkelingen en te sturen op het gewenste resultaat. Ook wanneer vrijwillige samenwerking niet vanzelfsprekend is. In de praktijk betekent dit dat gemeenten soms moeten optreden om gronden beschikbaar te krijgen, schade te compenseren of publieke belangen veilig te stellen. Deze instrumenten vragen om zorgvuldigheid, juridische kennis en bestuurlijk bewustzijn, omdat ze direct ingrijpen in eigendomsrechten en vaak gevoelig liggen.
In deze module leer je hoe grondbeleidsinstrumenten strategisch kunnen worden ingezet binnen project- en gebiedsontwikkeling. Je krijgt inzicht in de praktische toepassing, samenhang en afhankelijkheid van deze instrumenten en wat dat vraagt van de organisatie. Denk hierbij (strategische) grondverwerving, voorkeursrecht en onteigening. Daarnaast is er aandacht voor nadeelcompensatie en het voeren van onderhandelingen vanuit de publiekrechtelijke rol. Zo krijg je inzicht in hoe juridische middelen bijdragen aan regie, terwijl relaties met eigenaren en andere betrokkenen zo zorgvuldig mogelijk worden beheerd.
Onderwerpen die hierbij aan bod komen zijn:
- Minnelijke verwerving en het proces van transport;
- Voorkeursrecht: vereisten, strategische inzet en wat kan je ermee bereiken;
- Onteigening: vereisten, strategische inzet, bestuurlijk draagvlak creëren, wat kan je ermee bereiken en hoe ziet een schadeloosstelling eruit;
- Nadeelcompensatie;
- Onderhandelen vanuit de publiekrechtelijke rol.
Dagdeel 3: Module Publiek- en privaatrechtelijke samenwerking
Veel projecten en gebiedsontwikkelingen komen tot stand in samenwerking tussen overheid en marktpartijen. Deze samenwerkingen bieden kansen om kennis, risico’s en investeringen te delen, maar vragen ook om duidelijke afspraken en een goed begrip van ieders rol en verantwoordelijkheid. De gekozen samenwerkingsvorm heeft directe gevolgen voor zeggenschap, financiën, risicoverdeling en juridische positie van de betrokken partijen.
In deze module krijg je inzicht in de verschillende vormen van een publiek-private samenwerking en wat deze in de praktijk betekenen. Je leert hoe bestuur en organisatie zijn gepositioneerd, welke bevoegdheden en mandaten gelden en hoe rollen zich verhouden binnen een samenwerkingsverband. Daarnaast is er aandacht voor onderhandelingstactieken en strategische keuzes, zodat je leert opereren in complexe samenwerkingen waar publieke doelen en private belangen samenkomen.
Onderwerpen die hierbij aan bod komen zijn:
- Samenwerkingsmodellen: bouwclaim, concessie, joint ventures, publieke ontwikkeling en private ontwikkeling (zelfrealisatie);
- Verschillende overeenkomsten en hoe gemeenten met een goede inhoud regie houdt op de afspraken;
- Financiële en juridische consequenties van PPS-vormen;
- Positie van raad en college; mandaat en bevoegdheid;
- Rollen en onderhandelingstactieken in PPS-verband.
Dagdeel 4: Kostenverhaal
Eén van de doelen van grondbeleid is het rechtvaardig verdelen van kosten en opbrengsten. Bij een private ontwikkelingen maken gemeenten ook kosten voor onder meer planvorming (toetsing, onderzoek en projectmanagement), en dient zij investeringen te plegen in de infrastructuur en openbare ruimte. Deze investeringen zijn vaak direct te relateren aan de private ontwikkelingen. Deze kosten verhaalt de gemeente dus op de private initiatiefnemer. Dit is een verplichting uit de Omgevingswet. Dit noemt men ‘kostenverhaal’.
In deze module leer je hoe het kostenverhaal in de praktijk wordt toegepast binnen projecten en gebiedsontwikkelingen. Je krijgt inzicht in welke kosten moeten worden verhaald op een ontwikkeling en op welke manier deze kosten worden bepaald. Daarnaast worden ook de financiële bijdragen en bijdragen aan een evenwichtige woningvoorraad bepaald.
In deze module wordt stilgestaan bij het verhaal van kosten en financiële bijdragen door middel van een overeenkomst en publiekrechtelijke verhaalsmogelijkheden.
Onderwerpen die hierbij aan bod komen zijn:
- Systematiek van kostenverhaal en financiële bijdragen;
- Verhaal van kosten en financiële bijdragen door middel van een overeenkomst (privaatrechtelijk verhaalsmogelijkheden);
- Publiekrechtelijk verhaalsmogelijkheden (kostenverhaalregels en kostenverhaalvoorschriften);
- Plankostenscan;
- Toepassing van het kostenverhaal en hoe hiermee om te gaan in de praktijk.
Dagdeel 5: Module Overeenkomsten sluiten
Overeenkomsten vormen de ruggengraat van veel projecten en gebiedsontwikkelingen. In contracten worden afspraken vastgelegd over kosten, verantwoordelijkheden, planning, risico’s en zekerheden tussen gemeente en ontwikkelende partijen. Een zorgvuldig opgebouwde overeenkomst voorkomt discussies achteraf en biedt houvast wanneer projecten complexer worden of omstandigheden wijzigen.
In deze module leer je hoe overeenkomsten in de praktijk worden ingezet en opgebouwd. Je krijgt inzicht in de structuur en inhoud van contracten, waaronder clausules, fasering en zekerheden. Daarnaast komen de voorwaardelijke verplichten, exploitatieregels in het omgevingsplan en artikel 160 van de Gemeentewet aan bod, zodat je begrijpt welke risico’s ontstaan bij mandaat en schijn van bevoegdheid.
Onderwerpen die hierbij aan bod komen zijn:
- Structuur en inhoud van contracten (clausules, zekerheden, fasering);
- De werking van art. 160 Gemeentewet (bevoegdheid en schijn van bevoegdheid).
Meerwaarde:
Na afloop van de leergang Publiekrechtelijke regie op de fysieke leefomgeving:
- Heb je inzicht in hoe met een strategische inzet van grondbeleid overheidsorganen grip en regie houden op de ontwikkelingen;
- Kun je een afweging maken tussen de verschillende vormen van grondbeleid en de daarbij behorende instrumenten duiden en toepassen;
- Kun je samenwerkingsvormen beoordelen en organiseren en weet je hoe dit in een overeenkomst wordt vastgelegd;
- Weet je hoe het kostenverhaal en financiële bijdragen worden toegepast en hoe dit privaatrechtelijk en publiekrechtelijk wordt verhaald.
Lesmethode:
Tijdens de module wordt de theorie besproken mede aan de hand van een PowerPointpresentatie. Daarnaast wordt door middel van discussie over en bespreking van praktijksituaties getracht het geleerde direct in de praktijk toe te passen. Ook wordt gewerkt met opdrachten waarbij zoveel mogelijk gebruik gemaakt wordt van praktische voorbeelden en je eigen casuïstiek.
Interesse in deze leergang?
Schrijf je in via onderstaand aanmeldformulier of neem contact met ons op via 040-2949005 of via opleidingen@lybrae.nl